April 9, 2012 0

Ik weet niet hoe je dat noemt.
Het onbehaaglijke gevoel dat je in de wereld staat, maar meer ook niet.
Dat je je meer verbonden voelt met een stad en de voortdurende passage
dan met de mensen die je dikwijls ziet.
Je geniet er van om opgenomen te worden in de toeristische drukte
van een onverstaanbare menigte.
Meer dan om te verdwalen in de onbegrijpelijke stilte van kennissen.
Het gevoel dat elk moment iemand de stilte kan verbreken
maar dat jij degene bent die het zal moeten doen.
Een stilte die nu eens bestaat uit onhoorbaar geluidstekort
en op een ander moment een oppervlakkige waas van koetjes en kalfjes in je richting waait.
Waardoor het allemaal verloren gaat in
ik weet niet hoeveel hersengeknars.

March 11, 2012 0

Ik mis toch enkel sociale vaardigheden, en ik heb me er ondertussen bij neergelegd dat ik nooit zal kunnen functioneren in het gewone maatschappelijke leven. Maar dankzij mijn gedichten ben ik erin geslaagd toch een plek te veroveren die veilig voor me is. Ik word nu gedwongen – of ik krijg de kans – om af en toe eens naar buiten te komen voor een voordracht. Ik heb ook vriendschappen gesloten via de poëzie. En ik merk wel dat mijn verlegenheid gerespecteerd wordt, zeker onder collega’s. Het enige wat ik doe is gedichten schrijven, maar als ik me dan toch eens in de kille, grimmige maatschappij moet vertonen, schrik ik elke keer weer van mijn weerloosheid.

dichteres Delphine Lecompte in HUMO (6 maart 2012)

October 17, 2010 0

Om maar te zeggen dat ik geleerd heb met de tegenslagen van het leven om te gaan. Ik vergelijk het graag met de stal van Augias, uit de Griekse mythologie: Augias moest de godenstal uitmesten, maar de rotzooi bleef maar komen. Je binnenste wezen is ook zo, maar met die troost dat het debiet minder wordt en je vermogen tot aanvaarden steeds groter. Hoe meer je verwerkt, hoe groter je vermogen om gelukkig te zijn.

theatermaker Peter De Graef in De Standaard (16-17/10/2010)

October 16, 2010 0

Wat me het meeste pijn doet, is het feit dat ik nooit enige verbondenheid met andere mensen heb gevoeld. Verbondenheid is van een hoger niveau dan gehechtheid, dan liefde zelfs. Het is een voorwaarde voor geluk. Ik heb een jarenlange relatie achter de rug, met iemand van wie ik oprecht hield. Toch was er nooit sprake van echte verbondenheid. Ik heb waardevolle vriendinnen, met wie ik diepgaande gesprekken voer. Maar ook zij kunnen niet op tegen mijn onverteerbare, fundamentele eenzaamheid.

De Standaard 16-17/10/2010

April 23, 2010 0

rare jongens

Eergisteren een dagje naar Nederland geweest.
Voor het werk naar een heuse conferentie.
In de nacht vertrekken om files te vermijden.
Om dan te merken dat eens de grens over Radio 1 verdwijnt.
Plots is dat 90FM en lijk je midden in een carnavalsstoet beland te zijn.
Of op een groot schlagerfestijn.
Om te vliegen over banen die me veel te smal lijken.
Meestal zijn er maar 2 rijstroken en die hebben een breedte die volgens mij een kwart minder is dan die in België.
Koeien in weien die geometrisch door beken afgelijnd zijn.
Windmolens van het klassieke type, windmolens van het nieuwe type.
Om uiteindelijk aan te komen in een stad waar je niets van begrijpt.
Vooral hoogbouw.
Dan een wijk met arbeidershuisjes.
Veel woningen, weinig kleine zelfstandigen.
Terwijl je in Vlaanderen op veel plaatsen een café, bakker, frituur of beenhouwer vindt,
lijkt dat hier geconcentreerd te zitten in het centrum.
Heel de dag losse babbels en informele tracks.
Broodje kroket, bitterballen, broodjes, koffie en belgische pralines.
Om ‘s avonds dan files te passeren in alle richtingen.
Vlot naar huis bollend.
Herademend bij het opdoemen van de Vlaamse herkenbaarheid van chaos.
In het straatbeeld en op de autoradio.

April 13, 2010 0

rit

In de wagen.
Op weg naar huis.
Ik aan het stuur, zij naast me.
Dat het nog frisjes is.
En of de zetelverwarming op mag.
Ze vraagt het met een toon in haar stem die een licht alcoholpercentage verraadt.
Ze is nog vrolijker dan anders en de twinkeling in haar ogen is nog sterker dan gewoonlijk.
Ik schakel nog een versnelling hoger terwijl ik de oprit afrijd.
Drie vrije baanvakken lonken.
Ze reikt naar de radio en zapt tot een trager nummer de wagen vult.
Volumeknop naar rechts.
Drie blokjes en oren gevuld.
Ik laat me niet afleiden en kijk geconcentreerd naar de gestreepte lijnen op de weg.
Af en toe een blik in de achteruitkijkspiegels.
Op zoek naar witte lichtjes in de verte.
Maar ik zie niets.
Ik voel alleen haar hand.
Aan mijn schouder.
Aan mijn nek.
Hoe mijn nekhaartjes zich schrap zetten als haar hand zachtjes kneedt.
Een rilling die van boven tot onder gaat.
Tijdens een rit die van het feest naar huis gaat.

April 5, 2010 0

muzikale lente

Het mag dan al lente zijn, dat hebben we de afgelopen dagen
meer aan de muziek dan aan het weer gemerkt.
Op het gevaar af dat ze binnenkort helemaal grijsgedraaid zijn,
maak ik hieronder een lijstje met nummers
die mij dezer dagen behoorlijk vrolijk maken.

Negen jaar geleden (2001) scoorde Train serieus met het nummer Drops of Jupiter,
voor hun nieuwe hit Hey, Soul Sister was het wachten tot nu (2010).

Een andere beat die kweetnioehard blijft hangen is die van Memories
die Kid Cudi samen met David Guetta in mekaar gedraaid heeft.

Debi Nova doet met haar Drummer Boy denken
aan de aanstekelijke dansdeuntjes van Shakira, geen slecht teken zeker?

Gramophonedzie doet heerlijk nostalgisch met Why Don’t You.

Herinnert me wel aan de truukjes die Waldeck al een hele tijd uitvoert.
In 2007 hoorde je zijn single Make My Day ongetwijfeld
in een reclamefilmpjes van Mercedes passeren.

April 4, 2010 0

stap

Op weg naar huis.
Van een feestje zoals ik ze maar zelden meemaak.
Omdat het me net iets te luid, een beetje te stroboscopisch verlicht
en veel te rokerig is.
Maar dit keer kon dit me blijkbaar niet deren.
Lichtjes staan heupwiegen op de deuntjes waarmee ik zittend in de wagen
of liggend in bad luidkeels meezing.
Overal om me heen kijkend.
Zonder iets duidelijk en scherp afgetekend te zien.
Niets, behalve zij.
Haar bloemetjesjurk die wiegt als een struik met lentekriebels.
Een parfumgordijn dat ruikt naar zoet en plakkerig.
Lichtjes in haar ogen die niet moeten onderdoen voor de disco-effecten op de dansvloer.
Terwijl ik met de minuut meer dreig weg te kruipen in haar pupillen,
zoekt zij een podium op aan de kant van de zaal.
Duidelijk niet te verlegen voor wat aandacht.
Wat bewegingsruimte om volop mee te shaken op het ritme
dat sneller en heter door de luidsprekers schalt.
Ik ben haar niet enkel met mijn ogen gevolgd.
Blijkbaar sta ik ondertussen zelf nog op een meter van het verlichte verhoog.
Klaar om eerst die ene stap te zetten.
Gevolgd door de tweede.

March 28, 2010 0

valentijn

Ik zit midden in een rijkelijk van wolken voorziene droom.
Het is bijna valentijn.
Eén of ander tijdschrift dat ik lees, heeft een actie lopen.
Ze bezorgen je valentijnswens op een origineel maar anoniem kaartje.
Verleidelijk om op in te gaan.
En dus stuur ik een wens naar het postadres van het magazine.
De naam en het adres van de bestemmelinge schrijf ik er met sierlijke hoofdletters bij.
De enveloppe verdwijnt in de rode, gapende mond van een zware postbus.
Twee weken later.
Valentijn.
Zij heeft het kaartje duidelijk gehad.
Er hangt een duidelijke spanning rond haar.
Ik merk hoe ze met haar vriendinnen er op los raadt.
Terwijl ik vanop een afstandje lachend toekijk, hoor ik namen noemen.
Dromen opstijgen.
En ik sta er bij en kijk ernaar.
Waarna de droomwolken verdwijnen.
En ik wakker word.
Zoveel jaar later.

March 22, 2010 0

licht

Tranen wellen op.
Ze lijken als zuur vanuit mijn kaken op te wellen.
Alsof ze mijn kijk op alles wat willen vertroebelen.
Verzachten.
Maar ze kunnen niet voorkomen dat een koudegevoel me ommanteld.
Haartjes komen recht om een donzig, warmtebrengend laagje te voorzien.
Onvoldoende.
Het volstaat niet.
Om in het donker.
Licht te geven.
Licht te zijn.